Referendum Arnhem kent weeffouten

Was Arnhem maar op excursie gegaan naar Ede

Het Arnhemse referendum op 30 november kent weeffouten. De kiezer moet straks een ingewikkelde vraag beantwoorden en onafhankelijke informatie ontbreekt vrijwel, terwijl dit toch belangrijke voorwaarden voor een democratisch proces zijn. Een zware cocktail, die voorkomen had kunnen worden als de gemeente Arnhem even de trein naar Ede had gepakt.

In Ede hebben een eenvoudige vraag en een inhoudelijke discussie in 2015 bijgedragen aan het omstreden besluit in Ede wel koopzondagen te houden en in de omliggende dorpen niet. Ede was hopeloos verdeeld in de maanden naar het koopzondagenbesluit. Christelijke partijen wisten de koopzondag lang tegen te houden. Uiteindelijk heeft het referendum in Ede een belangrijke rol gespeeld in het besluit de winkels in Ede-stad op zondag te openen maar in de dorpen niet.

Ede: eerst onderzoek

Ede is begonnen met onderzoek, door een externe partij. Er zijn gesprekken gevoerd met bewoners, horeca en winkeliers en met mensen op straat. Het bleek dat winkeliers in Ede graag open wilden, maar dat de burgers van de omliggende dorpen niet wilden dat hun zondagsrust werd verstoord.

Vervolgens zijn er vragen geformuleerd. Opvalt dat Ede helemaal in de denkwereld van de kiezer is gaan zitten en helemaal uit het ambtelijke is gebleven. Er is niet gevraagd naar een ‘aanpassing voor de winkelverordening’ of zoiets. Ede wilde ook een duidelijke vraag. “De mensen in het stemhokje moeten een duidelijke vraag worden gegeven, zodat ook een goed antwoord gegeven kan worden”, zegt een woordvoerder.

Referendumvraag Ede: Mogen de winkels op zondag open?

Die vragen luidden:

  • Mogen alle winkels op zondag open?
  • Alleen openstelling van supermarkten en bouwmarkten en
  • Alleen koopzondag in Ede.

Uiteindelijk bleek dat een meerderheid tegen koopzondagen is, maar dat in Ede 60 procent wel op zondag wilde winkelen. In Ede gingen ze vervolgens open, in de dorpen zoals Bennekom of Otterlo niet.

In Ede ging het om een raadplegend referendum.  Daarin vraagt de gemeenteraad een advies aan de bevolking. Dat is een verschil met Arnhem, daarin gaat het om een raadgevend referendum, op verzoek van 3.300 Arnhemmers.

De vergelijking van een raadplegend referendum met een raadgevend referendum kan mank gaan, omdat een gemeente en gemeenteraad misschien bereid zijn daarin meer te investeren dan in een raadgevend referendum zoals in Arnhem. Of simpel omdat Ede geen Arnhem is. Toch is het waardevol het Edese inzicht tegen de Arnhemse ervaring aan te houden.

Referendumvraag in Arnhem over ‘uitwerkingskader’

In Arnhem is een onduidelijker vraag dan ‘ Mogen de winkels open’.

In Arnhem luidt de vraag – krachtens de referendumverordening – Steunt u het voorgenomen raadsbesluit?’ en dan wordt het onderwerp genoemd. De referendumverordening 2015, artikel 6 lid 8:

De vraagstelling van het referendum luidt: “Steunt u het voorgenomen raadsbesluit?” De kiezer krijgt uitsluitend de mogelijkheid te stemmen voor ‘ja’ of ‘nee’ of kan een blanco stem uitbrengen.

En dan komt er het besluit bij waar het over gaat. Dat gaat dus niet over woningbouw of natuur. Dat gaat over een uitwerkingskader, het kader waarbinnen plannen moeten worden uitgewerkt. de dertig randvoorwaarden om te komen tot 287 ha. natuurterrein (99,3 procent) en 2 ha. woningbouw (0.7 procent) woningbouw. Daarna zijn er nog allerlei procedures, zoals voor het bestemmingsplan.

Arnhem stelt kiezer onmogelijke vraag

Dit is geen vraag zoals het Edese ’Mogen de winkels op zondag open’.  Het is een vraag die ingewikkeld is. Al was het maar omdat in de Edese vraag de kiezer centraal staat en in Arnhem de politiek. Maar er achter ligt het probleem dat de kwestie gaat over dertig randvoorwaarden. Je kunt je afvragen of zo’n ingewikkelde vraag  in ons Nederlands poldermodel – zoals vaker –  niet beter via overleg kan worden opgelost.

Waar zit de pijn?

Met zo’n vraag weet je ook niet waar de pijn zit. Kiezers hebben immers uiteenlopende motieven voor hun keuze. Kiezersonderzoek voorafgaand aan het referendum over het associatieverdrag met Oekraïne liet zien dat sommige nee-stemmers tegen het verdrag zijn, sommigen tegen de EU en sommigen tegen de elite. Zelfs het weer speelt een rol. Dat zijn allemaal andere motieven. Je zou zeggen: onduidelijke vraag, anders dan in Ede en je weet nog steeds niet wat de kiezer wel wil. Dat lijkt me een weeffout, want dat blokkeert de democratie.

Geen informatieplicht vastgelegd

Je kunt je afvragen of dit gecompenseerd moet  worden door duidelijke onpartijdige informatie. In Arnhem is daarover niets vastgelegd. De referendumverordening spreekt zich daarover ook niet uit. Niet vastgelegd is, wie onafhankelijke informatie moet geven, de gemeenteraad of de gemeente of een onafhankelijke partij. De gemeente doet dat nu niet, vooralsnog wordt alleen gesproken over een brief waarin alle eisen van het uitwerkingskader worden toegelicht.

Gevolg: gekleurde informatie

Gevolg is dat de partijen zelf campagne moeten voeren. Maar die informatie is nooit onafhankelijk, althans, niet in de perceptie van de kiezer. Immers, je maakt deel uit van het ja-kamp of het nee-kamp of de gemeente, dus je bent ergens in betrokken, hoe goed je je best ook doet om het juiste verhaal te vertellen. Op een eerder blog werd in de reacties op kleuring van dat stukje en van partijen gewezen. En in die reacties kwam nog een ander sentiment maar voren, namelijk wantrouwens vanwege een eerder participatietraject, wantrouwen jegens projectontwikkelaars en jegens de gemeente. Je kunt je afvragen of daar niet een beetje op zou kunnen worden geanticipeerd door de feiten te presenteren. Vergeleken met Ede dringt zich het gevoel op dat de Arnhemse kiezer aan het lot wordt overgelaten en dat bij de ontwikkeling naar een kiezersdemocratie wel a wordt gezegd, maar geen b.

Objectieve informatie ook geen oplossing

Overigens is ook objectieve door de gemeente verstrekte informatie verre van  probleemloos. Dat blijkt uit een evaluatie van het preferendum over de Rijnboog. Dat betrof een ingewikkelde vraag, je kon geen nee stemmen, opkomst 10 procent.

De gemeente presenteerde in het Rijnboogpreferendum iedere variant op dezelfde objectieve manier. Maar die objectief gepresenteerde keuzes leidden er toe dat de burgers het idee hadden, niets te kiezen te hebben, concludeert Marcel Boogers in een evaluatie. Dat werd nog versterkt door het gebrek aan een nee-keus. Kleuring geeft betekenis, concludeerde Boogers. Je zou kunnen zeggen: Arnhem heeft een advies overgenomen. Maar waarom dat geldt niet voor veel andere adviezen uit het rapport?

De gang van zaken lijkt nu  extreem het tegenovergestelde van het preferendum. De gemeenteraad kan zich afvragen of hier een betere balans is te vinden door bijvoorbeeld twee maatschappelijke comités de strijd te laten voeren, conform het advies van Marcel Boogers. Als je al gaat voor een kiezersdemocratie, moet je dat ook op de een of andere manier faciliteren. Het preferendum was het een, dit in 2016 lijkt het ander.

Ontbreken opkomstdrempel geen probleem

In Arnhem wordt door sommigen wel eens gesproken over het gebrek van een opkomstdrempel. Dat betekent dat het referendum een geldig advies is als één persoon gaat stemmen. Dat hoeft geen probleem te zijn, het is immers slechts een advies. Om die reden heeft de wetgever over landelijke raadgevende referenda  geen opkomstdrempel gesteld. In het correctief referendum, dat er mogelijk na de verkiezingen komt, wordt wel gesproken over een ondergrens van 30 procent.

Het feit dat dit een advies is vraagt wel van partijen zich te bezinnen wat ze nou willen: volgen ze hun eigen standpunt of het referendumadvies? Moeten ze eerst de achterban raadplegen?

Er wordt wat geëxperimenteerd met referenda

Er wordt wat afgeëxperimenteerd met referenda. Uit onderzoek – het Sociaal Cultureel Planbureau stelde het dit jaar weer vast – blijkt al tientallen jaren een groeiende steun voor referenda. Tegelijk vindt een  meerderheid van de respondenten dat gekozen volksvertegenwoordigers  ingewikkelde knopen moeten doorhakken (p. 34) , op lokaal niveau is dat de gemeenteraad.

Als politieke partij – en als kiezer – is het goed deze zware cocktail (ingewikkeld onderwerp en informatiegebrek) tot je door te laten dringen en goed te weten wat je nu met een raadgevend referendum wil, nu en in de toekomst. Kiezers stemmen over een onduidelijke vraag, een ingewikkelde kwestie en hebben geen onafhankelijke informatie. Had de gemeenteraad maar geleerd van het 20 kilometer verderop gelegen Ede.